Van Boot naar Brood

Oorspronkelijk woonde de Familie Giezen in Veendam en de naam is afgeleid van de jongensnaam Gijze Jacobs, die in ca 1650 geboren is in Zuidveen bij Steenwijk , en in 1674 trouwde in Veendam.

Zijn afstammelingen heten :

Roelf Gijses (vervener) Gijze Roelfs

Lammert Gijzes Giezen (landbouwer en vervener)

Gijze Lammerts Giezen (koopman en commissionair)

Roelf Gijzes Giezen (schoenerkapitein)

Roelf Giezen(zeemankapitein)                                                                          

Roelf Giezen (bakker)

Opa Roelf Jacobus Giezen (bakker).

Veendam was midden negentiende eeuw een belangrijke centrum voor de veenkoloniale scheepsvaart en had zelfs een zeevaartschool,waar o.a. de vakken zeevaartkunde ,wis en natuurkunde werden onderwezen. Vanuit Sappermeer .Wildervank,Veendam en de Pekela,s voeren 334 schepen op zee. Zij maakten gebruik van globes,kaarten en meteorologische instrumenten.

De veenkoloniale zeevaart ontstond uit de turfvaart en Groninger schippers voeren steeds verder over de wereld met hun kofschepen en schoenbrikken.

Vanaf Wildervank en Veendam moesten de schepen eerst door Zuidbroek,vervolgens door het Winschoterdiep naar de stad Groningen en zo naar het Reitdiep.

Je zou kunnen zeggen van boot naar brood, want de familie Giezen was vanaf 1820 met enkele telgen vertegenwoordigd in de scheepsvaart.

Een schip van de Giezens was de Koning Willem de Tweede, deze is in een storm voor de kust van Australie vergaan.

Verder waren de kofschepen ,de Twee gezusters ,de vrouw Alida en de Libra schepen van de familie .

Roelf Gijzes Giezen (onze Over Over Over opa),geboren in 1806 in Veendam,was schoenerkapitein,evenals zijn zoon Roelf Giezen (onze Over Over Opa),geboren in 1840 in Veendam. Deze haalde zijn diploma voor 2e stuurman van de Atlantische vaart,aan de zeevaartschool in Veendam.

Hij trouwde met kapteinsweduwe Jacoba Oortjes (onze Over Over Oma) geboren 11-01-1832 uit Wildervank.

Jacoba was de dochter van Hindrik Jan Oortjes,die als schipper op ‘de jonge Daniel’ onder anderen vracht naar Kragero in Noorwegen bracht.

Jacoba Oortjes haar eerste man,Harm Hendriks Krans,was scheepskapitein op ‘Merwede’ .Ze hadden een zoon ,Hendrik (1858) die overleed op 27 Januari 1860.

Hun tweede zoon Hendrik is geboren op 7 Oktober 1862.Harm Krans is aan gele koorts aan boord van zijn schip in de Caribische zee overleden op 25 December 1862,en werd begraven in San Marco op Haiti.

Begin 1863 is Jacoba Oortjes er heen gegaan om de zaken daar te regelen. Omdat hun zoon toen nog geen 3 maanden oud was ,werd hij door zijn tante Henderkien Krans en oom Kier Bosch verzorgd en opgevoed.

Diploma van Roelf Giezen (onze over over Opa)

Berekeningen


gemaakt


tijdens het examen


Huwelijk Roelf Giezen Jacoba Oortjes

                                                     

Jacoba Oortjestrouwdeop 3 oktober 1864met Roelf Giezen en samen kregen ze drie kinderen,Roelf 07-12-1865,Juliana Jantina (10-09-1870) en Jantina Alida 01-10-1872.

Roelf was eerst stuurman bij Krans en werd later scheepskapitein. Roelf en Jacoba (over over opa en oma) gingen met hun schip naar Rio de Janeiro en andere plaatsen in Zuid –Amerika. De kinderen gingen indien mogelijk mee aan boord. Dochter Jantina was pas twee jaar oud,toen ze al mee ging naar Londen.

In deze periode waren bestemmingen richting Amerika en Zuid-Amerika populair. Omstreeks 1860 kwam maar liefst 60 % van de Nederlandse vloot uit het Groningse Veenkolonien. Over Over opa Roelf Giezen overleed in 1875 bij Hamburg in Travemunde ,nadat hij overboord was gevallen.

Onze over over Oma Jacobo Giezen Oortjes ging na het overlijden van haar man Roelf ,met de bemanning o.a. naar Egypte.

Bij de veenkoloniale zeevaart was het normaal dat de kapiteinsvrouwen mee gingen .Aan boord stonden de vrouwen hun mannetje. Navigatie was hen niet onbekend en meestal spraken ze meerdere talen .

Ze gingen gekleed in de nieuwste mode die ze op hun reizen zagen ,zoals in het modehuis Lewis en Co in Liverpool.’Een vrouw aan boord brengt geluk’ werd in die tijd zelfs gezegd.


1876

In 1876 op 21 Februari trouwde Jacoba Oortjes met bakker Meindert Smit uit Wildervank. Met haar drie kinderen en de kinderen van Smit ,vormden ze een nieuw gezin.

Op 45 jarige leeftijd kreeg Jacoba op 16 oktober 1877 een zoon ,Harm,die na 11 dagen overleed.

Meindert had een goedlopende bakkerszaak in Wildervank,totdat zijn kinderen t.b.c kregen,de klanten wegbleven en het zo slecht ging met de zaak,dat ze genoodzaakt waren te stoppen.

Verhuizing

Ze verhuisden naar Valthermond op 6 mei 1890,waar ze een bakkerij huurden van houthandelaar,timmerman en vervener Wiebe Bakker Mzn,op de plaats nummer 39.

Toen Jacoba,s zoon Roelf Giezen (over opa) in 1897 een bakkerij op Zuiderdiep 489 begon,zijn Jacoba Oortjes en Meindert Smit verhuist naar de Westerstraat in Ter Apel.

De scheepskist

De scheepskist van Jacoba Oortjes is er nog en wij zijn natuurlijk heel trots op zo’n ondernemende familielid,onze over-over oma.

Ze overleed op 21 november 1922 en is begraven op kerkhof Oost in Valthermond.

Op haar graf steen staan alleen

haar eerste twee echtgenoten vermeld,Krans en Giezen,omdat onze over over oma altijd zei:’die derde had ik niet moeten trouwen’.


Op haar graf steen staan alleen

haar eerste twee echtgenoten vermeld,Krans en Giezen,omdat onze over over oma altijd zei:’die derde had ik niet moeten trouwen’.